In de vorige editie van de Millennium Marathon stelde Wim Balder de volgende vraag aan Gerben Swager, medevennoot van tuinbouwbedrijf T.B.&S. in Sint Pancras: kun je uitleggen in hoeverre de productie van voedingsgewassen, in al zijn duurzaamheid, zich kan meten aan de millenniumdoelstellingen? Dit is Gerben’s antwoord:
Gerben Swager - sta
“Nederland is na de VS de grootste exporteur van agrarische producten ter wereld met een waarde van € 65 miljard per jaar. Dat is 17,5 procent van de totale export vanuit Nederland.
De agribusiness in Nederland staat daarom wereldwijd zeer hoog aangeschreven als het gaat om innovatie en duurzaamheid.
Dankzij deze innovaties kunnen wij binnen ons bedrijf op steeds duurzamer wijze groenten produceren. Dankzij GPS kunnen we bijvoorbeeld nauwkeuriger planten, kunstmest toedienen en gewasbeschermingsmiddelen toepassen. Ook de ontwikkelingen van betere machines helpen ons om bewuster met onze teelt bezig te zijn. Het computergestuurd en naast de plantrij toedienen van vloeibare kunstmest en spuitmachines met luchtondersteuning, zodat de middelen beter in het gewas kunnen doordringen, leiden tot een lagere dosering met minder belasting op de omgeving. Ontwikkelingen bij zaadbedrijven als Bejo Zaden helpen ook mee om sterkere gewassen te ontwikkelen die beter bestand zijn tegen invloeden van buitenaf, zodat er minder hoeft te worden bijgestuurd bij ziekten en plagen. Verder verlagen wij onze CO2- footprint door groene energie te produceren in de vorm van windenergie en energie uit biomassa.
Voor een bedrijf met onze omvang is het goed mogelijk om op een duurzame wijze hoogwaardige en kwalitatief goede producten te telen. Maar je moet wel ten alle tijden een goede balans vinden tussen ecologisch duurzaam, sociaal duurzaam en economisch duurzaam. Ik ben van mening dat wij ons bedrijf kunnen meten aan de millenniumdoelstellingen en dat we hieraan een goede bijdrage kunnen leveren.”

Gerben Swager heeft op zijn beurt een vraag voor Dick ten Bruggencate, bekend van het tankstation in Broek op Langedijk: in hoeverre anticipeert hij op de uiteindelijke uitputting van fossiele brandstoffen?